Klimaatkoploper Nederland. Waarom eigenlijk?

Wynia's WeekWekelijks bericht ik op deze website over mijn laatste publicaties: columns, artikelen, video’s. Wilt u automatisch per e-mail op de hoogte worden gehouden van Wynia’s Week? Vul uw e-mailadres in en u krijgt de bevestigingsmail.


Nederland betaalt een hoge prijs voor de ambitie om klimaatkoploper van de wereld te zijn. Wat gaan we daar van vinden, op 20 maart? Gastauteur Adjiedj Bakas ziet: de wereld gaat aan het gas, zeker niet van het gas af. En: Wynia’s Week nu ook op YouTube!

Nu weer Klimaatje de Voorste. Altijd maar weer Gidsland.

door Syp Wynia

Nederland heeft een nieuwe taak voor zichzelf bedacht: klimaatkoploper zijn en daarmee voorbeeld zijn voor de wereld. Nederland wil Europa voorgaan in klimaatmaatregelen – en de Europese Unie moet op haar beurt dan weer voorbeeld voor de wereld zijn. Waar komen die pretenties toch vandaan? Hebben we er ook nog wat aan? Of is het allemaal ijdelheid?
Het is bepaald niet voor het eerst dat Nederland of Nederlanders zichzelf guller, voorbeeldiger en gaver vinden dan de buurlanden of zelfs de rest van de wereld. Maar met het aantreden van het kabinet RutteDrie sloeg Gidsland Nederland toch weer een heel nieuw hoofdstuk op. Het kabinet zou niet alleen ‘het groenste ooit’ worden. Nederland zou door toedoen van het kabinet van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie klimaatkoploper worden.
‘We leggen de lat hoog,’ zo staat er in het Regeerakkoord van oktober 2017. ‘Wij willen de meest ambitieuze doelstelling van Parijs.’ ‘Parijs’ – dat is het klimaatverdrag uit 2015 dat beoogt de temperatuurstijging af te remmen tot maximaal 2 graden Celcius, of liever nog 1,5 graad Celcius. ‘Het is onze plicht er alles aan te doen die doelstelling te halen,’ zegt het regeerakkoord.

Het voortouw
De Europese Unie loopt niet hard genoeg in de ogen van het kabinet en heeft een extra duwtje nodig – van Nederland. Veertig procent minder CO2 in 2030 zoals de EU wil is te weinig, zegt de coalitie. Nederland gaat voor 49 procent, maar wil eigenlijk (‘wij nemen het voortouw’) dat de hele EU voor 55 procent gaat. Maar als er in Brussel geen extra inzet loskomt, dan neemt Nederland het initiatief voor een ‘kopgroep’ van buurlanden die voorop loopt in Europa. Nederland trekt de kar!
Bovenop het regeerakkoord kwam er in januari 2018 het gasverbod (huizen en gebouwen moeten van het gas af, te beginnen met nieuwbouw) – ook al in het teken van het klimaat, al is het hoogst twijfelachtig of het klimaat daar voordeel van zal hebben. En in december 2018 werd door de regeringspartijen samen met de linkse oppositie een Klimaatwet aangenomen, die ook al in het teken staat van de Nederlandse ambitie om Klimaatland Nummer 1 te zijn.

António Guterres

Huiswerk, van de VN
Maar ondertussen drong zich gaandeweg steeds meer de vraag op over het waarom. Waarom dient uitgerekend Nederland koploper op klimaatgebied te zijn?
Premier Mark Rutte tilde in een interview in De Volkskrant van 24 december 2018 een tipje van de sluier op – althans, dat zouden je kunnen denken. Rutte vertelde dat hij in september 2018 samen met minister Sigrid Kaag (D66) een gesprek had met secretaris-generaal António Guterres van de Verenigde Naties. Van de VN-topman had Rutte naar eigen zeggen ‘twee stukken huiswerk’ meegekregen, die hij ‘van harte’ had aangenomen. De eerste was het opdrukken van het CO2-doel in Europa tot 55 procent. De tweede was om dat doel ook in de rest van de wereld te verspreiden.
Op de vraag waarom Nederland koploper in de wereld moet zijn, wekt Rutte dus de indruk dat hij die opdracht uit New York heeft gekregen, van de baas van de Verenigde Naties nog wel. Wat daar ook over te zeggen valt: feit is dat de coalitie van RutteDrie al in oktober 2017 de eigen koplopersrol vastlegde. Het gesprek met Guterres had pas een klein jaar later plaats. Rutte’s verklaring voor de koplopersambitie klopt dus niet.
Zoals ook een ander alibi – vaak opgebracht door GroenLinks-politici – voor de noodzaak van dat Nederlandse koploperschap uit de bocht vliegt. Nederland moet wel koploper zijn, zo wordt dan gezegd, omdat Nederland als een van de eerste zwaar wordt getroffen door de stijging van de zeespiegel.
Helaas is de Nederlandse bijdrage aan het verminderen van het broeikaseffect te gering om de voorspelde stijging van het Noordzeewater in te tomen. Als je daar bang voor bent, kun je je beter wapenen tegen het hogere water, met name door het verhogen van de dijken. Dat heet ‘klimaatadaptatie’. En laat Nederland op dat gebied nu ook al tien jaar zelfbenoemd koploper zijn.

De sleutel: D66
Er moet dus een andere reden zijn, waarom Nederland sinds oktober 2017 Klimaatland Nr 1 wil zijn. Het verkiezingsprogramma van D66 voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2017 biedt daarvoor meer aangrijpingspunten. Dat programma dendert pagina na pagina door over hoe slecht Nederland het tot dusver deed en hoe Nederland zich uit de achterblijversrol kan en moet bevrijden.
‘Nederland kan en moet voorop,’ zegt het D66-verkiezingsprogramma. (…) Allereerst omdat het moet. Maar ook omdat we het willen (…). En zeker ook omdat het kan: schone technologie wordt steeds goedkoper. We kunnen hierin als Nederland voorop lopen of volgen. Wij kiezen voor het eerste: wij willen nu investeren en gaan voor alle kansen die ons dat biedt.’
Onthullend is, dat D66 constateert dat het feit dat Nederland achterloopt ‘effect heeft op ons recht van spreken’. Anders gezegd: Nederland wil graag zijn woordje doen – of zelfs anderen de maat nemen – maar dat gaat niet als je niet zelf koploper, rolmodel, gidsland of voorbeeldland bent. En bovendien: ‘Door voorop te lopen maken wij het mogelijk voor Nederlandse ondernemers om tot de winnaars van de nieuwe economie te behoren.’ Waarmee in het D66-verkiezingsprogramma de Hollandse dominee (het klimaat verkondigen en anderen de les lezen) in nuttig verband wordt gebracht met de Hollandse koopman (zakelijk voordeel halen uit het idealistische koplopersidee).

Alexander Pechtold

De rol van Buma
D66 rivaliseert met GroenLinks (en de Partij voor de Dieren) in het maximeren van klimaatdoelen en had er dus alle belang bij, dat het eigen verkiezingsprogramma zoveel mogelijk in het regeerakkoord werd opgenomen. Zo geschiedde.
Toenmalig D66-leider Alexander Pechtold vormde tijdens de kabinetsformatie van 2017 samen met CDA-leider Sybrand Buma een subgroepje dat het klimaathoofdstuk van het regeerakkoord schreef. Wat er in die dagen in Sybrand Buma is gevaren is een raadsel. Sinds de zomer van 2018 klaagt Buma over de elitaire en dure klimaatplannen van het kabinet, maar hij heeft het toch echt zelf samen met Pechtold opgeschreven, waardoor het D66-verkiezingsprogramma vrijwel ongeschonden in het regeerakkoord belandde.
De ChristenUnie nam de klimaatambities van D66 sowieso al over – als de boeren maar werden ontzien – en de VVD accepteerde het werk van Pechtold en Buma in de veronderstelling dat er niet veel anders van te maken was. En Rutte maakte, zoals alleen Rutte dat kan, het D66-verkiezingsprogramma dat regeerakkoord werd vrijwel meteen tot het zijne.
Waar was de VVD-leider Rutte gebleven, die hoonde dat windmolens op subsidie draaien in plaats van op wind? Door RutteDrie was de VVD niet een beetje klimaatpartij geworden, maar een partij die de klimaatmaakbaarheid volledig onderschreef.

Weer gidsland!
Nu staat de regeringscoalitie niet alleen met de zelfgekozen pretentie om Nederland qua klimaat koploper en voorbeeldland te laten zijn. Rijksbouwmeester Floris Alkemade stelde bijvoorbeeld ook, in december 2018: ‘In Nederland hebben we de kennis en de kunde, we zijn een ontzettend welvarend land. Het is absoluut niet gemakkelijk, maar Nederland kan weer een gidsland worden’ (in De Volkskrant).
Het koploperschap was ook de inzet van de klimaatdemonstratie van scholieren, op donderdag 7 februari 2019 in Den Haag. YouthForClimateNL: ‘Wij willen zorgen voor een beter klimaatbeleid. Nederland heeft een voorbeeldfunctie voor de rest van de wereld, daarom moeten WIJ laten zien dat klimaat belangrijk is.’
Wie Nederland met de ‘voorbeeldfunctie’ heeft opgezadeld? Het antwoord bleef uit, maar de herinnering aan de calvinistische interpretatie van Nederland als soort van Godswege uitverkoren volk dringt zich op. Zou dat historische calvinisme werkelijk nog zo diep in de klimaatactivistische scholieren van Nederland zijn geworteld? Fascinerende kost.
Maar de scholieren staan niet alleen. Peiler Maurice de Hond vroeg begin december 2018 of Nederland qua klimaat door diende te gaan op de ingeslagen weg, ‘mede om als voorbeeld te dienen voor de rest van de wereld.’ Een meerderheid (55 procent) deelde die opvatting, GroenLinks-stemmers het meest (92 procent) en de kiezers van Forum voor Democratie het minst (14 procent). De vraagstelling was misschien niet helemaal duidelijk, maar het lijkt toch of de voorbeeld-ambitie van Nederland op tamelijk brede steun kan rekenen. Waarbij aangetekend, dat er tegelijkertijd weinig animo voor is om daar de portemonnee te trekken.
Vandaar, dat het Nederlandse klimaatkoploperschap ondanks de ogenschijnlijke publieke steun toch de kernvraag in het politieke landschap geworden. En dat al helemaal omdat er zowel in maart (provincie) als in mei (Europees parlement) verkiezingen zijn.
Want de klimaatambities geven Nederlandse politici in de rest van de wereld wellicht ‘recht van spreken’, maar wat hebben de burgers van Nederland daar aan?

Gidsland bezuinigen
De eerste kabinetten-Rutte wilden ook al koploper zijn in Europa, maar toen koploper in het bezuinigen en lastenverzwaren om het begrotingstekort snel te verlagen. Rutte c.s. waren daar in de jaren 2012-2015 vooral zo fanatiek mee, omdat Nederlandse ministers in Brussel voortdurend andere landen de maat zaten te nemen over hun begrotingsbeleid. Om een gierende afgang te voorkomen ging de Nederlandse politiek vanaf het voorjaar van 2012 in grote haast over tot lastenverzwaringen die de economie verder verzwakten en de lastendruk historisch opdreef.
Eerdere kabinetten waren vanaf de jaren zestig vooral Gidsland op het gebied van ontwikkelingshulp. Afgezien van een enkel Scandinavisch land was er geen enkel land dat zo royaal was met het naar de Derde Wereld brengen van het eigen belastinggeld. Andere landen werden vanuit Den Haag de maat genomen om hun geringe gulheid. Maar net zo makkelijk liepen Nederlandse ministers ook met de Nederlandse onbaatzuchtigheid te pronken als er bijvoorbeeld een plaats in de VN-Veiligheidsraad verworven moest worden.
Ook de ambitie om internationaal Klimaatkoploper te willen zijn is allerminst gratis. Om de ambitieuze doelstellingen uit het regeerakkoord te halen moeten er de komende decennia honderden en mogelijk duizenden miljarden euro’s worden uitgegeven. Het zal best dat er ook bedrijven zijn die daar beter van worden, maar om te beginnen moet dat geld wel worden opgehoest: door burgers en ook door bedrijven. Waarbij aangetekend dat met name grote bedrijven er tot dusver erg kien in zijn om hún klimaatkosten over te hevelen naar de burgers.
De koplopersrol gaat de burgers, kiezers en consumenten van Nederland wederom veel geld kosten. Als de netto-inkomens er anno 2019 al wat beter voorstaan, wordt het voordeel onmiddellijk afgeroomd door de hogere energieprijzen en die zijn een direct gevolg van het klimaatbeleid van RutteDrie. En dan moet het grote werk nog beginnen: het hele land aan de warmtepomp, massale verzwaring van stroomnetten, industriële CO2-uitstoot onder de zeebodem, stekkerauto’s subsidiëren – en ga zo maar door.

Moreel superieur
Die kosten en de haast waarmee de klimaatmaatregelen op gang worden gebracht hebben alles te maken met de blinde ambitie van RutteDrie om van Nederland weer Gidsland te maken – nu op klimaatgebied. Als Nederland er genoegen mee had genomen een gewoon Europees land met gemiddelde klimaatambities te zijn, een land dat niet zo nodig anderen hoeft te imponeren of de les te lezen, zou het beleid ook heel wat meer bezonnen en mogelijk heel wat kosteneffectiever kunnen zijn.
Koploper willen zijn is vast leuk voor de ijdelheid van enkelingen. Het dient ook bij uitstek de in Nederland wijd verspreide behoefte om moreel superieur te willen zijn: niet alleen ten opzichte van elkaar, maar ook met zijn allen in vergelijking met de buurlanden (en als het even kan met de rest van de wereld).
Maar de burgers van het land betalen er een hoge prijs voor en het is ook nog eens heel twijfelachtig of het klimaat er mee geholpen is. Gidsland willen zijn is niet gratis. Alles heeft zijn prijs. Zodoende wordt het klimaat in 2019 het kernpunt van het Nederlandse politieke debat. Niet vanwege het klimaat zelf. Maar vanwege de vraag wie of wat er eigenlijk mee wordt gediend dat Nederland zo nodig Klimaatkoploper van de wereld wil zijn. Ja – waarom eigenlijk?

Wynia’s Week op YouTube:
Haags klimaatdebat is misleidend schimmenspel

Wynia’s Week is terug als videoblog (vlog)! In de periode 2008-2012 maakte ik voor weekblad Elsevier enkele honderden vlogs, eerst samen met Ronit Palache, later met Frederique Dormaar. We maakten die vlogs toen die nog niet eens zo heetten.
Nu, in februari 2019, ben ik samen met Café Weltschmerz begonnen aan een nieuwe serie vlogs, zo mogelijk in wekelijkse afleveringen. Wynia’s Week op YouTube is kort en krachtig. In enkele minuten wordt een actuele kwestie neergezet en van kanttekeningen voorzien. Zoals deze eerste aflevering: waarom aan het Binnenhof niets over het klimaat is wat het lijkt. Kijken!

Bakas: de wereldwijde energietransitie is naar gas

Door Adjiedj Bakas
Gas is de belangrijkste brandstof van de komende decennia. De gasvoorraden over de hele wereld zijn enorm en er worden steeds weer nieuwe gasvelden ontdekt. Duitsland importeert al op grote schaal goedkoop Russisch gas via de Northstream 1 en Northstream 2 pijpleidingen. Centraal- en Zuid-Europa importeren Russisch gas via de Southstream pijpleiding. En er komt een nieuwe gaspijpleiding vanuit Israël naar Europa. Onder de zeebodem tussen Israël, Cyprus en Griekenland is immers een enorm gasveld ontdekt, dat in een groot deel van de Europese energiebehoefte kan voorzien. Zie hieronder de Russische pijpleidingen naar Europa:

Zie hieronder de geplande nieuwe Israelische gaspijpleiding naar Europa:

De oorlog in Syria gaat over twee geplande gaspijpleidingen naar Europa, een Soennitische of een Sjiitische. Zie hieronder:

Maar niet alleen Europa stapt over op gas. Ook Azië doet dat. Russische gaspijpleidingen lopen straks naar China, Japan en Zuid-Korea. Iraanse gaspijpleidingen lopen straks naar China en India. Zie hieronder:

Het gaat in de wereldwijde energie-economie ook steeds meer om LNG. Amerika is de grootste LNG-exporteur ter wereld en Amerikaanse pijpleidingen en tankers transporteren LNG naar steeds meer plaatsen. Rusland exporteert ook LNG naar Azië met tankers. Hieronder de twee Russische LNG-routes naar Azië:

Dankzij gas is energie in de VS spotgoedkoop, een van de redenen waarom de economie er zo goed draait.
De wereldwijde gasreserves zijn enorm, zie hieronder:

De gasconsumptie neemt ook fors toe.

Gas en LNG vormen de pijlers van de energie-economie van vandaag en morgen. Zie ook hieronder.

Adjiedj Bakas is trendwatcher, auteur en spreker. Website

U kunt een abonnement nemen op deze weekbrief (gratis, simpel), en mij volgen op Twitter @sypwynia of via Facebook.

Lees hier meer recente publicaties →

Een land vol machteloze kiezers

Wynia's WeekWekelijks bericht ik op deze website over mijn laatste publicaties: columns, artikelen, video’s. Wilt u automatisch per e-mail op de hoogte worden gehouden van Wynia’s Week? Vul uw e-mailadres in en u krijgt de bevestigingsmail.



In Nederland wordt alsmaar doorgeregeerd alsof verkiezingen en zelfs nieuwe kabinetten er niet toe doen. Het is koekkoek-éénzang: voor diversiteit, voor duurzaamheid en wie kritiek op Brussel heeft is een populist. Waar kan een kiezer anno 2019 nog terecht?
door Syp Wynia

Carola Schouten

Het oogt zo mooi, het ministerschap. Een dienstauto met chauffeur, een heel ministerie dat doet wat jij zegt. En op vrijdag samen naar de Trèveszaal, de mooiste vergaderzaal van het land. Maar heeft zo’n minister eigenlijk wel wat te vertellen?
Neem nu het kabinet RutteDrie. De meeste ministers kwamen pas in beeld toen het regeerakkoord na zeven maanden eindelijk klaar was. Dat akkoord dienden ze uit te voeren, terwijl ze er part noch deel aan hadden gehad. Alleen premier Mark Rutte (VVD), minister van Landbouw Carola Schouten (ChristenUnie) en minister van Sociale Zaken Wouter Koolmees (D66), zaten er bij toen het regeerakkoord werd geschreven – Schouten en Koolmees eigenlijk ook nog tweede rang.
Maar Hugo de Jonge van het CDA? Hij mag dan vice-premier zijn, maar hij heeft maar heel gewoon het regeerakkoord uit te voeren. Of staatssecretaris Menno Snel? Hij was nog niet eens van D66 toen hij gevraagd werd om staatssecretaris van Financiën te worden. En toen hij het werd moest hij de afschaffing van de dividendbelasting verdedigen, zonder dat hij daar ook maar iets mee te maken had gehad. En toen de dividendbelasting toch bleef, had ‘ie dat weer te verdedigen.

Het regeercontract
Toch zijn er nog treuriger politici. Dat zijn de talloze Kamerleden van regeringspartijen die zich binden aan datzelfde regeerakkoord, doorgaans ook zonder er maar enige invloed op te hebben gehad. Want dat is zo’n regeerakkoord: een contract waarin Kamerleden zich verplichten een hele kabinetsperiode steun te verlenen aan beleid, dat uitgevoerd wordt door bewindslieden die er ook al weinig over te vertellen hebben.
Toch kan het nog meelijwekkender. Daarvoor moet je een Nederlands staatsburger zijn. Dan heb je weliswaar stemrecht, maar heb je geen idee wat er met die stem gebeurt. Er is hooguit een redelijke kans, dat de partij die de meeste stemmen haalt de minister-president mag leveren. Sinds 1981 is dat bijvoorbeeld steeds zo geweest. Maar met wie die premier dan regeert en welk beleid dat wordt – het is altijd maar afwachten.
Ik sprak onlangs een voormalige politicus, die het in zijn tijd als minister was opgevallen dat het beleid van de Nederlandse overheid zo weinig wordt beroerd door verkiezingen en het aantreden van nieuwe kabinetten. Je wordt minister en je doet wat er van je verwacht wordt en dat verschilt niet zo bijster veel van wat er van je voorgangers verwacht werd.

Vroeger: de verzuiling
Zo gaat dat al heel lang. Vroeger had je de verzuiling. De burgers waren nog katholiek, socialist, hervormd of gereformeerd en dan stond zo’n beetje al vast wat je stemde. De politieke leiders deden alsof ze het heel erg met elkaar oneens waren, maar ondertussen deden de roomsrode kabinetten uit de jaren vijftig het niet zo gek veel anders dan de kabinetten met de VVD uit de jaren zestig.
En nu: maakt het werkelijk wat uit wie er met Mark Rutte regeert? De kabinetten-Rutte worden sinds 2010 gesteund door VVD, CDA, PvdA, D66, ChristenUnie en SGP (en ook nog even door de PVV). Ondanks de vele opgewonden tafereeltjes in de Tweede Kamer is er eigenlijk een brede consensus in het politieke bedrijf over wat er moet gebeuren. Zelfs als de Nederlandse bevolking laat weten – zoals in 2005 per referendum gebeurde – niet op een groter en machtiger Europa te zitten wachten, steunen Nederlandse ministers, de premier incluis – soms na wat steunen en kreunen – toch altijd de route naar een groter, duurder en machtiger Europa.
Of neem nou het mondiaal ‘migratiepact’, dat van Marrakesh. In België viel het kabinet er over. In Nederland beweerden de regeringspartijen dat er niets in stond, of dat het juist heel nuttig was. Uiteindelijk ging er een inlegvelletje in, waar niemand meer wat van zal horen. Tot het Marrakesh-beleid dat opgesteld is in New York, Genève en Brussel door Nederlandse en internationale rechters tot staand beleid wordt verklaard en niemand meer weet wie daar in Nederland verantwoordelijk voor was. Het was de Haagse Consensus.

Koploper willen zijn
Met het klimaatbeleid van hetzelfde laken en pak. Tijdens de eerste Rutte-kabinetten wilde Nederland koploper van Europa zijn met zuinig beleid, om zo andere landen de maat te kunnen nemen met de begrotingstekorten aldaar. Dat het beleid de crisis in Nederland verergerde en de koopkracht verlaagde was kennelijk van ondergeschikt belang.
Met ingang van RutteDrie heet Nederland ‘sterker uit de crisis’ te zijn gekomen en is het nu tijd voor Nederland als koploper op klimaatgebied. Geen enkel land ter wereld – een enkel Scandinavisch land daargelaten, maar daar hebben ze ook waterkracht en veel ruimte bovendien – heeft zulke scherpe klimaatdoelstellingen voor zichzelf geformuleerd als Nederland onder RutteDrie. En weer lijkt het belang van de burgers niet te tellen. Als we maar koploper zijn.
Zo bestaat de Haagse Consensus nu vooral uit zulke zaken als het Klimaatakkoord, de Klimaatwet en het gasverbod. De Klimaatwet – van origine van GroenLinks en PvdA – wordt gesteund door de linkse ‘oppositiepartijen’ èn de vier regeringspartijen. Het gasverbod dat Nederlandse burgers tegen hoge kosten van het gas af dwingt zonder dat het klimaat daar iets beter van wordt – eerder slechter – wordt gesteund door bijna alle partijen in de Tweede Kamer.

Eén-partijstaat
In maart zijn er weer provinciale verkiezingen en in mei zijn er Europese verkiezingen. In maart is het klimaatbeleid het belangrijkste thema, in mei de vraag of Nederlandse kiezers wel zo blij zijn met het meer-Europa-beleid dat Nederland onder de Rutte-kabinetten voert.
Bij de VVD zien ze de bui hangen, want de VVD is sinds 2010 doorgaans dan wel de grootste, maar de steun brokkelt steeds verder af. Vandaar dat VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff plotseling lelijk gaat doen over het klimaatbeleid, dat zijn partij overigens volledig steunt. Vandaar dat het CDA plotseling premier Rutte aanvalt op zijn Europa-beleid, dat niet kritisch genoeg zou zijn over landen als Italië. Het zijn – en kiezers weten dat – tafereeltjes voor de bühne.
In 1990 karakteriseerde de historicus J. W. Oerlemans Nederland als een ‘één-partijstaat’. Dat was toen zeker zo. De regerende partijen hadden geen ideologisch anker meer en acteerden alleen tegenstellingen om zich bij verkiezingen te kunnen profileren. Bij diverse verkiezingen sinds 1994 hebben veel kiezers met hun stem op achtereenvolgens ouderenpartijen, LPF, SP en PVV laten blijken daar genoeg van te hebben.
Maar structureel gezien heeft het weinig uitgehaald. De Haagse Consensus regeert. Zelden is de burger van Nederland daarbij een doorslaggevende factor van belang. Die burger, die is zo mogelijk een nog treuriger figuur dan de politicus die blind regeerakkoorden moet onderschrijven.
En dus, zo denk ik te mogen concluderen, worden veel Nederlandse burgers geveld door twijfel. Ook als je vindt dat er best wat aan de uitstoot van broeikasgassen mag worden gedaan, kun je nog heel goed van mening zijn dat het onzinnig is dat Nederland zich hier opwerpt als gidsland en daarbij ook nog eens onzinnige maatregelen als het gasverbod doorvoert. En ook als je vindt dat samenwerking op het Europese continent best nuttig is, dan moet je toch ook kunnen vinden dat de huidige route naar de Europese Transferunie de dood in de pot is?

Thierry Baudet

Stem weggegooid?
Maar, zegt die alleszins redelijke burger dan: moet ik dan werkelijk mijn stem naar Wilders of Baudet brengen als ik dat voorop lopen met het klimaat onzinnig vindt en geen Brusselse transferunie wil? Die vraag drukt niet alleen op mensen die eerder VVD of CDA stemden, maar evenzeer op wie eerder PvdA of D66 stemden. Ik ken ze, u kent ze, misschien herkent u zichzelf.
Het antwoord luidt: het heeft er inderdaad alle schijn van, dat wie niet de Haagse Consensus wil volgen op het gebied van migratie, klimaat en Europese integratie heel weinig andere keus heeft dan Wilders of Baudet – al is die keuze voor sommigen dan weer een deur te ver.
Maar daar houdt de twijfel niet op. Want is zo’n stem niet weggegooid, als ze in Den Haag toch maar doorgaan met hun klimaathype, met het eeuwige gemier over diversiteit en diversiteit en het wegzetten als ‘populisten’ van iedereen die het nu wel genoeg vindt met de macht van Brussel? Het is een dilemma – het valt niet te ontkennen.
Als je thuis blijft is je stem sowieso verloren. Als je op de partijen van de Haagse Consensus stemt, weet je niet wat er nu weer gebeurt wat je niet wilt – maar wel weer met jouw steun. En als je een tegenstem laat horen, is er het vooruitzicht dat die keer op keer overstemd wordt. Nederland is een land met machteloze kiezers. Zelfs een minister heeft nog meer te vertellen – zelfs al voert die ook maar gewoon het regeerakkoord uit.

U kunt een abonnement nemen op deze weekbrief (gratis, simpel), en mij volgen op Twitter @sypwynia of via Facebook.

Lees hier meer recente publicaties →

Top
Follow

Get the latest posts delivered to your mailbox: